Giebels in de Alverput
Begin februari zijn er circa 400 giebels (van 4 tot 6 ons) in de Alverput uitgezet. Ongeveer 10% heeft het niet overleefd (dood gevonden) en een aantal zwakke giebels zullen door aalscholvers gepakt zijn. Toch zijn er nog veel giebels die zich door hengelsporters zullen laten vangen.

De giebel is een vis die lijkt op een karper, maar dan zonder bekdraden. Onder ideale omstandigheden kan de giebel 45 cm lang worden en een gewicht van ruim 2,5 kg bereiken. Het voedsel bestaat uit waterdiertjes zoals zoöplankton, insectenlarven en kleine kreeftachtigen aangevuld met plantaardig voedsel zoals algen en waterplanten. Een mooie vis voor de hengelsporter.
De voortplanting van de giebel is bijzonder. De West-Europese populaties bestaan namelijk hoofdzakelijk uit vrouwtjes die zich ongeslachtelijk voortplanten door mee te paaien met andere karperachtigen. Het sperma van de andere karperachtigen zorgt ervoor dat de eitjes bevrucht worden, maar doordat er geen kernversmelting plaats vindt ontstaan er enkel vrouwelijke giebelnakomelingen. Hierdoor is één giebel al in staat een populatie te starten mits er andere karperachtigen in het water aanwezig zijn. In het oosten van het oorspronkelijke verspreidingsgebied (Azië) planten giebels zich wel geslachtelijk voort en zijn er dus ook mannelijke giebels te vinden.
De giebel heeft een voorkeur voor stilstaand tot langzaam stromend water met waterplanten. In Nederland wordt giebel vaak aangetroffen in vijvers, poelen en sloten.



